Selecteer een pagina
Blog van Michaela de Groot
Blog van Michaela de Groot

Een fanatieke televisiekijker ben ik nooit geweest. Daar heb ik simpelweg de rust niet voor.  Toch was er zo’n 15 jaar geleden een programma waar ik wekelijks van smulde.
Dat was ‘Nu we er toch zijn’ en werd gepresenteerd door Eddy Zoey.

Op ontwapenend spontane wijze blufte hij zich samen met een cameraman en geluidsman bij willekeurige Nederlanders naar binnen op de meest uiteenlopende tijdstippen. Of ze even konden komen koffiedrinken, mee-eten, een nachtje logeren….en wat al niet meer…

En dan gebeurde het. Wanneer Eddy Zoey zich eenmaal had gesetteld op stoel of bank met zijn koffie, broodje of bordje stamppot boerenkool dan kwamen de verhalen.

Levensverhalen van mensen. Man, vrouw, oud, jong, uit alle lagen van de samenleving. Schokkend en ontroerend. Pijnlijk en hilarisch. Hartverscheurend en vertederend. Het kwam allemaal voorbij. Daar, tussen de vergeelde muren, de plastic onderzetters, zelf geborduurde kussens, het rondslingerend speelgoed en de uitbundig bloeiende kamerplanten.

Hier, deze mensen hadden het allemaal beleefd in de jaren die achter hen lagen.

Op dat moment wist ik het nog niet maar nu pas ben ik gaan beseffen dat dit programma een grote inspiratiebron is geweest voor het opzetten van mijn onderneming in het schrijven van levensverhalen.
Het fascineerde me enorm, al deze ‘gewone’ mensen met hun boeiende belevenissen. Ik realiseerde me dat er enorm veel verhalen zijn waar we het bestaan niet van kennen. Die wil ik vangen en vereeuwigen op papier.

‘Van welke bekendheid zou jij heel graag de biografie willen schrijven?’ word er nogal eens aan me gevraagd.
‘Er staat er echt geen één op mijn wensenlijstje’ antwoord ik dan naar waarheid. ‘Ieder mens leeft zijn leven, worstelt op zijn tijd met angst, pijn en verlies. Strijd zijn persoonlijke battles, heeft lief, zorgt en hunkert. Dat maakt voor mij alle mensen tot boeiende personen. Misschien de ‘onbekende’ mens nog meer omdat het mij extra verrast’.

Er is nog iets wat mij sterk is bijgebleven van ‘Nu we er toch zijn’.
Op een dag zat Eddy met zijn koffietje op een doorgezakte bank bij een man van een jaar of veertig. De man woonde met zijn dochter in een flatje in een achterstandswijk.
De man vertelde dat hij met pijn in zijn hart uit zijn geboorteland had moeten vluchten omdat het er oorlog was. Hoeveel stress er door zijn aderen was gegierd en hoeveel angst hij had gekend.

‘Maar nu woon ik hier en is het goed’ De opluchting resoneerde in zijn woorden en zijn ogen straalden. ‘Mijn dochter kan naar school toe fietsen en spelen op straat zonder kogels die om haar oren vliegen. Ze is veilig. Er is geen oorlog’.

Ik heb zo vaak aan deze woorden teruggedacht. Op de momenten dat ik mijzelf terugvond in een of andere ontevreden zeurmodus over iets onbeduidends. Dan zag ik hem weer zitten, deze man. In zijn ieniemienie flatje. Verlopen gordijnen en verschoten tapijt maar een glimlach van oor tot oor. Zijn dochter was veilig want hier in Nederland leefden we zonder rond suizende kogels en granaten. Zonder luchtalarm om een volgend bombardement aan te kondigen. Meer wenste hij zich niet. En daarmee relativeerde hij mijn gemiep over dagelijkse beslommeringen en kwam ik aldoor weer uit bij een gevoel van dankbaarheid. Leven in veiligheid is pure rijkdom waar je zuinig op moet zijn. Dat beseffen we ons in deze tijd allemaal meer dan ooit denk ik.

Soms blijven mensen je je leven lang bij. Zij spiegelen je klaarhelder de essentie van geluk.

× App Mi!