Column voor ‘Paradijsvogels magazine’

Tekst: Michaela de Groot
klik door naar de website

Het is Nederlands bloed wat er bij ons alle drie door de aderen stroomt en dus staat er als een paal boven water dat er gefietst moet worden! Het is een soort onverwoestbare drang denk ik van de doorgewinterde Nederlander in het kwadraat. Geen Nepalees die het in zijn hoofd haalt om door de verkeerschaos van Kathmandu, vol kuil, gruis en uitlaatgas voor de lol fris en fruitig wat rond te gaan fietsen midden in een grote mierenhoop van doldwaas claxonnerend volk. Dat doet alleen een Nederlander want een echte Nederlander wordt gewoon heel blij van fietsen hoe, wat, waar dan ook.

En daarom gingen we, op een ochtend, een fietsverhuurstationnetje binnen om nog geen vijf minuten later stralend op straat te staan met drie kekke mountainbikes. De Giant- bikes van de heren waren splinternieuw en hingen vlak voor verhuur nog in de rekken gehuld in plastic en karton. Geheel op Nepalese wijze werd er zo slordigjes hier en daar wat plastic afgerukt maar vonden ze het daar bij de fietsentoco al snel welletjes. En zo fietsen Tim en Sam die dag Kathmandu vallei in het rond met van alles aan bungelende kaartjes, stroken karton en slierten plastic wapperend aan hun fiets. Het had ronduit iets heel feestelijks. Van Willem, een expat van (uiteraard) Nederlandse komaf hadden we een perfecte routekaart kunnen lenen. Geen overbodige luxe aangezien mijn twee zonen beiden zijn behept met iets manhaftigs als ‘ ik ga echt nog liever dood dan dat ik de weg vraag’!

Vanaf het fietsverhuurpunt, midden in Kathmandu, stappen we mateloos optimistisch direct op onze MTB’s om onze tocht te starten. Mateloos optimistisch zeg ik, omdat dit midden in een stad als Kathmandu vraagt om een uitermate hoogontwikkeld vermogen qua motoriek, evenwicht, coördinatie en concentratie. 
Een riksja ontwijken op rechts, onmiddellijk daarna links om een kleedje met knoflook en ui heen fietsen. Plots remmen voor een overstekende koe, zigzaggen tussen grote stapels rijstemmertjes en hoog opgestapelde linzenpotten heen. Rechts om een slapende hond heen fietsen en vervolgens nog net op tijd uitwijken voor een Nepaleesje die zo ongeveer de spaken in rent.

Uiteraard hebben mijn zonen en ik verkeerssituatie Nepal al lang en breed onder de loep genomen en geanalyseerd. Op het eerste gezicht kun je namelijk alleen maar denken..wat een wanhopig staaltje mega onveilige verkeerschaos! Maar deze verkeerssituatie heeft ook een heel ander gezicht. Iedereen die hier aan het verkeer deelneemt is namelijk 100 % geconcentreerd. Je kunt het je namelijk absoluut niet permitteren om ook maar voor een splitsecond met andere dingen bezig te zijn dan heel bewust deelnemen aan het verkeer.
Want zeg nou zelf, in Nederland raak je toch eigenlijk ronduit verveeld van het overmatig en tot in de puntjes doorgevoerde georganiseerde verkeer, niet? Ik bedoel, dan ga je door al die saaiheid toch vanzelf zoeken naar leuke, spannende of nuttige bezigheden om het geheel een beetje op te leuken tijdens het autorijden, toch? Whatsappjes versturen, swingen achter het stuur op je favoriete dansnummer, puistjes uitknijpen voor de achteruitkijkspiegel…dat werk! Goed, ik kan je vertellen dat één puistje de kop indrukken tijdens het rijden hier in Nepal zorgt voor minimaal één dooie hond onder je linker voorwiel en een gecrashte riksja in je rechterzijvleugel.

Hoe dan ook, heel vreemd was het niet dat Tim, Sam en ik elkaar na niet meer dan twee minuten fietsen door Kathmandu al compleet uit het oog waren verloren. En het, ik overdrijf niet, bijna een uur duurde voor we weer met elkaar waren herenigd.

Maar toen kon ons fietsfeestje dan ook echt van start gaan.

Via heuvels en dalen en een geweldig netwerk van zanderige straatjes vol kuilen, hobbelen we achter elkaar aan en maken we een prachtige rit ver buiten de chaos van de stad, in de rust van de vallei. We passeren een reeks idyllische dorpjes. Bezoeken Patan (aldus Laliptur in het Sanskriet) langs de Bagmati rivier. Via Gosha fietsen we in oostelijke route over zand en kiezels door naar Bhaktapur met zijn rijke religieuze cultuur, een centrum vol spectaculaire tempels en altaren en een bont geheel aan houten huisjes in geheel eigen stijl. Op een dakterras in de zon genieten we vol overgave aan smoezelige tafeltjes van mierzoete, zompige Nepalese hapjes. Dit maakt het pas echt helemaal af!

Op de terugweg laveer ik op mijn MTB’tje door het verkeer alsof ik mijn levenslang niets anders heb gedaan.

Column voor ‘Paradijsvogels magazine’

Tekst: Michaela de Groot
klik door naar de website

× App Mi!